In deze tijden van crisis staat ook de facilitaire dienst onder druk. Doelstelling: de werkingskosten van het bedrijf verlagen. Bij het uitvoeren van deze ‘cost killing’-maatregelen kunnen externe auditors een zeer interessante oplossing aanreiken. Vooral wanneer de opdracht gebaseerd is op het principe ‘no cure, no pay’, waarbij de consultant vergoed wordt met de besparingen die hij weet te realiseren.
Uit een studie die gepubliceerd werd in de bijlage Références van de Waalse krant Le Soir (24 april 2012), bleek dat de jacht op de overbodige kosten geopend is in de bedrijfswereld, zowel in de kleine en middelgrote ondernemingen als in de multinationals. De enquête werd afgenomen bij 2.216 werknemers. Eerste grote vaststelling: 40% van de ondervraagden bevestigde dat hun bedrijf sinds september 2011 nieuwe besparingen doorgevoerd heeft en 21% denkt dat ze binnen afzienbare tijd met kostenverlagende maatregelen geconfronteerd zullen worden.
Andere vaststelling: de kostenvermindering dekt alle aspecten van de bedrijfsactiviteiten. Eerst en vooral wat betreft de personeelskosten (64%) maar ook op het gebied van wagenpark, opleiding, marketing, catering, telefonie, de aankoop van materiaal, verwarming, onderhoud… Het mag duidelijk zijn dat de taak van de Faciilty Manager zich hier in de tweede lijn bevindt, meteen na de al even ingewikkelde als gevoelige taak van de HR-manager.
Actiemiddelen
In het kader van de verlaging van de facilitaire kosten van ondernemingen wordt meer en meer een beroep gedaan op gespecialiseerde consultancybedrijven. Vaak wordt daarbij het principe ‘no cure, no pay’ (geen besparing, geen loon) toegepast. Aan de hand van dit principe kan het idee makkelijker ‘verkocht’ worden bij de algemene directie, die juist haar uitgaven wil beperken.
Download het volledige artikel, hier
Bron: Profacility